Genieten van pijn

Ik fiets veel op mijn racefiets. Lekker in de buitenlucht. Liefste op zonnige dagen met weinig wind. Kilometers asfalt glijden onder me door. Genieten van de omgeving om me heen. Perfect gevoel. Daar hou ik van.

Van de week maakte ik kennis met een fietsclubje hier op het eiland. Paar keer per week rijden ze gezamenlijk een rondje. Van de week sloot ik aan. Gezellig. Woensdagavond. Lekker relaxt tempo. Prima te doen. Het kostte me weinig moeite om mee te rijden. Een “keuvelrondje” zoals zij het noemen. En gekeuveld werd er.

Donderdagavond was ik wederom van de partij. Deze keer was de groep wat groter en het tempo lag een stukje hoger. Daar rij je als vrouw alleen tussen de heren. De andere vrouwen lieten het afweten? Vooralsnog kon ik prima volgen. Draaide zelfs lekker mee op kop in de groep. Moe maar voldaan kwam ik thuis.

Gisteren eind van de middag sprong ik weer op de fiets. Even een lekker rondje alleen. Muziekje aan, zonnetje, verraderlijke wind. Toen merkte ik dat twee van die dagen met een behoorlijk tempo toch in de benen gaan zitten. Mijn hoofd wilde wel, maar de benen hadden andere plannen. Vast een teken dat ik een rustdag moest pakken. Maar om nou na 4 kilometer om te keren en naar huis te gaan. Nee zo steek ik niet in elkaar. Discipline. Ik heb niet voor niks mezelf ten doel gesteld om dit jaar 10.000 kilometer te rijden. Dat is 200 kilometer per week. Te doen.

Ik trap lekker door. Negeer mijn benen. Doen wat het hoofdje jullie opdraagt. Zoals oud-professional Jens Voigt altijd zei: Shut up legs! Langzaam voel je de verzuring, je benen willen eigenlijk niet. Doorgaan. “Trappen kreng!”, motiveer ik mezelf. Totdat je op het punt komt dat je er geen last meer van hebt en je weer lekker op snelheid komt. Heerlijk gevoel.

Waarom?

allez

Soms heb je van die dingen in je leven, waarvan je spijt hebt dat je het niet eerder gedaan hebt. Ik heb dat met wielrennen. Ik vraag mezelf iedere dag af: waarom? Waarom ben ik niet veel eerder in mijn leven begonnen met wielrennen? Wellicht had ik er wel een leuke sportieve carrière van kunnen maken. Nu ben ik 45 en is het simpelweg te laat. Ik ben te oud om nog met die jonge meiden mee te komen. Denk ik.

Waarom fiets ik überhaupt? Het leven gaat niet altijd zoals je het zou willen. Dan voel ik me neerslachtig. Ik pak mijn fiets en ga een stuk rijden. Even de buitenlucht in. Even dat hoofdje legen. Voor mij is wielrennen therapeutisch. De boel de boel laten en even volledige concentratie op iets anders leggen. Focus. Daarnaast is het ook gezond. Ik ben veel gezonder gaan leven. Resultaat is dat ik flink ben afgevallen en lekker in mijn vel zit.

Toen ik keek naar onderstaande film over Liz Hatch, sprongen de tranen in mijn ogen. Zo herkenbaar wat ze vertelt. Wielrennen is een uitlaatklep. Een manier om je woede, teleurstellingen, verdriet en pijn kwijt te raken. Of misschien beter gezegd te verzachten.